Ombudsman: overheid moet eerder en vaker praten met gedupeerde burgers

Overheidsinstanties schieten tekort bij de ‘hersteltrajecten’ die bedoeld zijn om burgers en ondernemers te helpen na fouten van de overheid. Zo is er te weinig aandacht voor de behoeften van gedupeerden, stelt Nationale ombudsman Reinier van Zutphen in een rapport.

Wanneer burgers de dupe zijn geworden van fouten van een overheidsinstantie, kan de overheid besluiten om een hersteltraject te starten. Zo’n traject is er bijvoorbeeld voor gedupeerde ouders in de toeslagenaffaire en voor burgers die schade hebben door de gaswinning in Groningen. Ombudsman Van Zutphen onderzocht tien van dit soort procedures en is zeer kritisch over de gang van zaken.

Bij het opzetten van dit soort trajecten wordt bijna nooit gesproken met gedupeerden of hun belangenorganisaties, concludeert de ombudsman. Terwijl zij volgens hem juist graag hun verhaal kwijt willen. “Overheidsinstanties weten hierdoor nauwelijks wat de behoeften van de gedupeerden zijn.”

Eerder praten

Van Zutphen adviseert om voor de start van een hersteltraject met hen te praten. “Naar mijn mening moeten deze gesprekken zelfs een centrale rol spelen in het hersteltraject. En ga niet maar één keer in gesprek, maar blijf dit tijdens het hele traject doen.”

Daarnaast hebben medewerkers bij de uitvoering van een hersteltraject weinig ruimte voor een eigen invulling, omdat de opzet van hogerhand is bepaald, stelt Van Zutphen. Hij krijgt van gedupeerden ook klachten over bureaucratische processen. Dat komt volgens de ombudsman doordat overheidsinstanties veel waarde hechten aan controle en verantwoording.

Ook zelf verbeteren

Van Zutphen was zelf betrokken bij vijf van de tien onderzochte hersteltrajecten en ziet ook verbeterpunten voor zichzelf. Achteraf gezien had hij sommige aanbevelingen concreter kunnen formuleren, vindt hij. Ook heeft hij “niet altijd duidelijk laten weten aan gedupeerden wat zij precies mogen verwachten van zijn onderzoek naar een hersteltraject”. In de toekomst wil hij hier beter op letten.



Bron weergeven